Werken met een groepsplan gedrag

Passend onderwijs is tot nu toe vooral gegaan over de bestuurlijke en organisatorische invulling. Als het al over onderwijs ging, dan betrof dat vooral rekenen, taal en lezen. Tot op heden heeft gedrag of sociaal emotioneel leren te weinig aandacht gekregen. Via een groepsplan gedrag kan daar verandering in komen. Kees van Overveld schreef er een boek over.

Planmatig werken

Binnen passend onderwijs dient er planmatig te worden gewerkt, óók aan gedrag en sociaal emotioneel leren. De school gaat na welke onderwijsbehoeften leerlingen met lichte en zware gedragsproblematiek hebben. Zij organiseert daarop een passende aanpak (ondersteuning). Na verloop van tijd worden de resultaten van de aanpak geëvalueerd.

Naast de onderwijsbehoeften van de leerlingen, zijn ook de ondersteuningsbehoeften van de leraar belangrijk. Wat heeft hij nodig om effectief en zonder stress te kunnen omgaan met ordeverstorend gedrag of een leerling die compleet door het lint gaat? De leraar stelt zichzelf doelen en ook hij gaat systematisch na of de doelen zijn bereikt.

Zowel de (speciale) onderwijsbehoeften van de leerling als de ondersteuningsbehoeften van de leraar krijgen een plekje in het groepsplan gedrag.

Het groepsplan gedrag

Het groepsplan gedrag is een formulier dat 3 à 4 maal per jaar door de leraar en de intern begeleider (of de gedragsspecialist) worden ingevuld. Er wordt op drie preventieniveaus nauwkeurig beschreven op welke wijze er aandacht wordt geschonken aan sociaal emotioneel leren en gedragsproblematiek.

Primaire preventie

Primaire preventie bestaat uit een algemene, universele aanpak die bestemd is voor alle leerlingen uit een groep. De maatregelen op dit niveau bestaan uit goed klassenmanagement, een planmatige aanpak van groepsvorming, systematische aandacht voor sociaal emotioneel leren en een preventieve groepsaanpak van pesten. Het is vooral dit niveau waar de leraar zijn tijd en energie in steekt: een investering in de toekomst van allen. De ervaring leert dat deze aanpak voor 85-90% van de leerlingen meer dan voldoende is.

Secundaire preventie

Voor 7-10% van de leerlingen is een aanpak op schoolniveau alléén onvoldoende. Het betreft hier leerlingen die meer dan anderen het risico lopen zich problematisch te ontwikkelen. De interventies op dit niveau richten zich specifiek op het aanpakken van invloedrijke risicofactoren in het kind en/of de omgeving. Het is de opzet om via een kortdurende, intensieve aanpak de leerling weer op het goede spoor te krijgen.

Tertiare preventie

Zo’n 3-5 % van de leerlingen profiteert in onvoldoende mate van preventiemaatregelen op primair en secundair niveau. Het kan gaan om leerlingen met ernstig ordeverstorend en regelovertredend gedrag. Zij zijn gebaat bij een gedragsfunctieanalyse (“Waarom doen ze wat ze doen?”) en extra ondersteuning die zeer nauw aansluit bij de ontwikkelingsbehoefte. Bij de gedragsaanpak kunnen meerdere partijen worden betrokken: leraren, ouders, klasgenoten en eventueel familieleden. De verwachting is dat met een goed uitgewerkt programma op het eerste niveau, er minder specifieke maatregelen en interventies nodig zijn op het tweede en derde niveau. De kans dat een individuele leerling met problematisch gedrag wordt gestigmatiseerd, is op die manier gereduceerd.

Ondersteuning en het groepsplan

Passend onderwijs geeft scholen de opdracht basisondersteuning en extra ondersteuning te organiseren. Basisondersteuning verwijst naar de onderwijskwaliteit, de ondersteuningsstructuur, planmatig werken en lichte, kortdurende interventies voor leerlingen die zo nu en dan gedragsproblemen laten zien. Extra ondersteuning wordt geboden als de gedragsproblemen intens en langdurig zijn.

In het boek Groepsplan Gedrag zijn de drie preventieniveaus gekoppeld aan de twee typen ondersteuning:

Maatregelen, interventies en handelingsstrategieën in het Groepsplan Gedrag Type ondersteuning binnen passend onderwijs
Preventieniveau 1: gericht op alle leerlingen Basisondersteuning
Preventieniveau 2: gericht op sommige leerlingen
Preventieniveau 3: gericht op enkele leerlingen Extra ondersteuning

Elk preventieniveau biedt theoretische verdieping, op de leerling gerichte interventies en handelingsstrategieën voor de leraar (Zie het voorbeeld: reageren op grensoverschrijdend gedrag). Een groepsplan gedrag hoort thuis binnen het instrumentarium van passend onderwijs. Door het groepsplan in te zetten, geeft een school de boodschap dat zij gedrag, net als de leervakken, serieus neemt.

Samenvatting

Een groepsplan gedrag richt zich op de leerlingen én de leraar. Via een steeds intensievere aanpak op drie niveaus kan er planmatig worden gewerkt aan passend onderwijs. Het groepsplan gedrag kan worden gezien als een praktische uitwerking van het schoolondersteuningsprofiel.

Voorbeeld: reageren op grensoverschrijdend gedrag (preventieniveau 3)

Een conflict met een leerling kan een leraar soms behoorlijk raken. Zeker als de leerling de grenzen van de leraar overschrijdt. Hier volgen een aantal tips om beter met grensoverschrijdend gedrag om te gaan:

  • Wees je bewust van je grenzen en merk op tijd op dat deze overschreden worden. Geef een duidelijke reactie in woord en gebaar: Stop! Nee, dat wil ik niet! Let op je lichaamstaal. Straal uit dat je zeker bent van jezelf. Ga niet in discussie.
  • Benoem het concrete gedrag dat je wilt stoppen en vertel wat de effecten van dat gedrag zijn voor jezelf of anderen. Verzoek de ander zijn gedrag aan te passen. Te veel uitleg kan overigens de indruk wekken dat je je eigen gedrag wilt verantwoorden, vergoelijken of dat je je verontschuldigt.
  • Agressie wordt niet genegeerd, er wordt direct op gereageerd. Door niet te reageren, wordt de boodschap afgegeven dat het gedrag blijkbaar getolereerd wordt.
  • Reageer emotioneel neutraal, zonder stemverheffing en machtsvertoon. Ook al kook je van binnen of heb je het sterke gevoel dan je moet huilen, wees sterk en laat je niet van je stuk brengen. Bewaar de woede en de tranen voor later als je collega’s je ondersteuning kunnen geven. Heb je op een schoolplein het idee dat je je zelfcontrole gaat verliezen, draai je dan ogenblikkelijk om en loop weg. Vraag een collega het van je over te nemen.
  • Gebruik een lage stem. (Vooral vrouwen hebben de neiging om in een conflictsituaties met de stem de hoogte in te gaan).

Scholen zijn druk bezig met het realiseren van passend onderwijs. Rekenen, taal en lezen krijgen over het algemeen veel nadruk, het sociaal-emotioneel leren wordt snel vergeten.

Mijn visie is dat schools en sociaal-emotioneel leren in balans moeten zijn. Een betere balans zorgt voor minder gedragsproblemen in de klas. Scholen kunnen heel veel doen om gedragsproblemen te voorkomen. En als gedragsproblemen zich al voordoen, is er nog veel mogelijk om deze effectief aan te pakken.